Verslag
Gedachtes over Nieuwe Grond
Verslag van Rogier Brom over Nieuwe Grond 2009
The fact is that a work of art has no a priori useful function – not that it is socially useless, but because it is available and flexible, and has an “infinite tendency”. In other words, it is devoted, right away, to the world of exchange and communication, the world of “commerce”, in both meanings of the term…
Nicolas Bourriaud, Relational Aesthetics
Zowel Vrede van Utrecht als het Walter Maas Huis werken aan de voorbereidingen die Utrecht in 2018 tot culturele hoofdstad moeten maken. Hiervoor zoekt men inspiratie bij Utrechtse kunstenaars. Hoe stimuleer je het jonge artistieke potentieel dat in Utrecht verborgen ligt aan zichtbaarheid – en daarmee invloed – te winnen?
Om dit te onderzoeken worden jonge, voor het overgrote deel Utrechtse kunstenaars uit alle disciplines bij elkaar gebracht onder de naam Nieuwe Grond. In een driedaags symposium wordt er gezocht naar nieuwe beelden die Utrecht op weg helpen culturele hoofdstad te worden. Het is goed om hier even bij stil te staan. Het gebeurt namelijk niet vaak dat kunstenaars zich op een zo beleidsmatig speelvlak begeven. Naast interessante invalshoeken, levert dit ook op dat veel van de deelnemende kunstenaars zullen een dubbele agenda zullen hebben waarbij het ontmoeten van andere kunstenaars een belangrijke drijfveer vormt.i
Deze dubbele agenda zou gezien kunnen worden als een van de strategieën van Nieuwe Grond. Door het samenbrengen van de jonge kunstenaars hoopt de organisatie dat er initiatieven ontstaan die op hun beurt leiden tot een netwerk van meer structurele samenwerkingsverbanden. Dit zou de organische artistieke subcultuur opleveren die Utrecht ontbeert.
Gedurende het symposium praten de kunstenaars over hun eerste ideeën met mensen die al in de culturele sector van Utrecht werkzaam zijn. De Oude Grond zo je wil. Onder het credo ‘ingebed in het bestaande heeft de toekomst de beste kans op succes’ is dit geen slecht idee om de subcultuur ook van wortels te voorzien.
Op z’n minst legt een samenkomen als dit symposium bloot dat er een gemeenschappelijke afhankelijkheid bestaat. Partijen die allemaal willen dat het culturele leven in Utrecht zich blijft ontwikkelen, kijken elkaar eens in de ogen. Als op een debutantenbal wordt de jonge Utrechtse garde voorgesteld. Deze heeft nu een gezicht waartoe de Oude Grond zich misschien wat makkelijker verhoudt. Er ontstaan tijdens het symposium namelijk meerdere ideeën over het voortzetten van Nieuwe Grond als groep.
Een van de meest hoopgevende aspecten van het symposium is wat mij betreft dan ook de samenstelling van de groep. Het is een tijd waar kunst voor een groot deel lijkt te bestaan bij de gratie van relaties – met een actief publiek; met andere disciplines; met een breed scala aan podia. Dat al de disciplines aanwezig waren om samen vanuit één idee te werken spreekt tot mijn verbeelding. Nieuwe Grond kan op deze manier bestaan als een front van makers die tegenwicht bieden aan de beleidsmakers en planners.ii Doordat ook hier een gemeenschappelijk doel bestaat – culturele activiteit in Utrecht – zou Nieuwe Grond de energie kunnen zijn die miste in de discussie over het aanspreken van potentieel in de stad.
