Ezels en Kamelen
En zij namen afscheid en begonnen hun tocht. Zij hadden tien kisten met goud te dragen en ieder droeg er vijf. En halverwege de tweede dag zeeg de oudste broer in het zand en sprak: 'Ik kan niet meer.' En hij sloot de ogen en stierf. De jongste dacht bij zich zelf: 'Nu heb ik tien kisten te dragen. Maar waar een wil is, daar is een weg.'
Hij laadde de tien kisten op zijn schouders en liep nog enkele passen voort. Toen viel ook hij voorover in het zand en stierf.
Een kameeldrijver vond hen beiden de volgende dag. 'Ezels,' dacht de man, 'voor één goudstuk had ik dat alles op mijn dieren geladen. En toch, dit is niet bij hen opgekomen.'
Hij schudde het hoofd, laadde het goud op zijn kamelen en vertrok.
Met:
Als kind raakte dit citaat mij enorm. De broers hadden met hun intelligentie alle mogelijke problemen opgelost en anderen geholpen, maar waren niet in staat om zelf om hulp te vragen. Professioneel ben je samen met anderen.
Citaat uit: Godfried Bomans' Sprookjesboek (1965).
Bijdragen
Reacties
Wieke