Peter te Nuyl schrijft en regisseert toneel, opera/muziektheater en radio.
Al zijn werk is, soms heel duidelijk, soms losjes, verbonden met de grotvergelijking van Plato.
Peter te Nuyl studeerde toneelregie aan de Amster¬damse Theater¬school en liep operasta¬ges in Leeds en Berlijn.
Hij regisseerde o.m. stukken van Ibsen, Racine, Euripides, Yeats, Maeterlinck, Pirandel¬lo, Ayck¬bourn en Tsjechov bij o.m. F Act, het RO-Theater, de Haagse Comedie, Theater van het Oosten, Toneelgroep Centrum, Trya¬ter, Het Nationaal Toneel en het Noord-Nederlands Toneel. Van het friestalig toneelge¬zelschap Tryater was te Nuyl van 1990 tot 1993 artistiek leider.
Hij schreef/monteerde regelmatig eigen stukken voor radio en theater op basis van werk en biografisch materiaal van o.m. Frederik van Eeden, Dylan Thomas, Toergenjev en Kleist.
In 1991 schreef hij, gebaseerd op 15e-eeuwse Friese kronieken De Ondergang van Friesland.
Voor Theater Cosmic schreef hij in 2000 de eenakter Toetoep.
Voor het muziektheater regisseerde te Nuyl werk van Luciano Berio, Simeon ten Holt en de opera Erendira van Klaas de Vries, waarvoor hij ook het libretto schreef. Bij de Nederlandse Opera regisseerde hij zowel de Parijse versie (in 1990), als de Weense versie (1993) van Glucks Orfeo ed Euridice.
Bij de opening van de nieuwe schouwburg in Leeuwarden ensceneerde hij de sceni¬sche première van Henk Alkema's Rixt . In 2004 ging de opera Bonifacius van Alkema en Te Nuyl in première.
Bij de Nationale Reisopera in Enschede regisseerde hij Dvoraks Rusalka, Weills Mahagonny, Wagners Der Fliegende Holländer , de wereldpremière van Huub Kerstens Creon (waarvoor te Nuyl ook het libretto schreef) en Debussy’s Pelléas et Mélisande.
In Neurenberg regisseerde hij Leonard Bernsteins Kaddish, in Berlijn Stravinsky’s Rake’s Progress . In Weimar Gluck’s Orfeo.
Bij NOS, KRO en NPS realiseerde hij sinds 1979 radiofonische stukken, mengvor¬men van drama, documentaire, opera en experimentele radiofo¬nie.
Begin 1996 realiseerde hij een integrale live-radioversie van het vier uur durende toneelstuk De Duivel en God van Jean Paul Sartre. Het Gedruisch, een persoonlijk document over de Nederlandse hoorspeltraditie kreeg in 1997 bij de Prix Italia een special mention.
In 1997-1998 realiseerde hij, samen met Krijn ter Braak, de dertig-delige radiobewerking van de integrale Metamorphosen van Ovidius (special mention Prix Italia 1998).
Van 2002 tot 2006 werkte hij aan de bewerking en regie van de langlopende hoorspelserie Het Bureau naar de gelijknamige roman van J.J. Voskuil.
Voor het Festival Kunst NRW-NL, een cultureel uitwisselingsfestival tussen Nederland en NordRhein-Westfalen maakte hij Lobith, een audiografie op cd van de Rijn.
Voor De Hoorspelfabriek bereidt Te Nuyl een dubbel-cd voor met audiobewerkingen van verhalen van Belcampo. Voor de NPS bewerkt hij op dit moment 75 Bommel-verhalen van Marten Toonder als hoorspel.